Op donderdagavond 30 mei staat Pennywise in het Tilburgse 013 voor een ouderwets avondje punkrock. Het is de enige Nederlands show van de Europese tour voor de band die al sinds 1988 meedraait. Om het publiek op te warmen zijn Total Chaos en Get Dead van de partij.
Na een last-minute wijziging in de timetable is het als eerste de beurt aan Total Chaos om het podium te betreden. Total Chaos is een opvallende keuze als voorprogramma, want waar Pennywise toch meer geliefd is onder de punkers met een skateboard is Total Chaos vooral van de hanekammen-punkers. Wat hebben ze wel gemeen? Beide bands draaien al ruim 35 jaar mee. Dat is ook te zien aan het publiek vanavond; de gemiddelde leeftijd ligt rond de 40 en er zijn zelfs ouders met hun (tiener)kinderen.
Het is nog rustig in 013, maar tijdens de show druppelt de zaal langzaam vol. Uitverkocht is het overigens niet, want het balkon zal de hele avond gesloten blijven. Total Chaos doet zijn best om het publiek op te warmen, maar echt los wil het nog niet. Zanger Rob Chaos roept om een circlepit, maar dit lijkt uiteindelijk meer op een polonaise. Het maakt de band overigens allemaal niet uit. Die doen gewoon lekker hun ding en met zoveel jaren ervaring op zak doen ze dat ook gewoon strak. Tijdens het laatste nummer, “Lost Boy“, springt bassist Joe E. Bastard over het hek en plaatst zichzelf tussen het publiek. Voor zijn neus vormt zich uiteindelijk dan toch een goede moshpit waar hij overduidelijk van geniet.
Rond 20:30 uur komt Get Dead uit San Francisco het podium op. Ondanks meerdere Europese festivaltours heeft de band nog niet heel veel naamsbekendheid in Nederland, maar er is een handjevol mensen (gekleed in Get Dead-merch) die track na track kunnen meezingen. De band opent met “Welcome To Hell“, afkomstig van het album “Bad News” uit 2013, en wat volgt is een mix van oudere en nieuwe nummers. Het meest recente album “Dancing With the Curse” dateert dan ook alweer uit 2020, dus de fans zijn ook wel toe aan nieuwe muziek! Zanger Sam King beweegt zich op zijn eigen unieke manier over het podium en geeft de verantwoordelijkheid om interactie te hebben met het publiek liever aan zijn bandgenoten. Niet gek, want King lijkt zich over het algemeen vooral in zijn eigen wereld te begeven. Dit is overigens positief, want het maakt dat je heel erg de drang voelt om een kijkje te nemen in zijn hoofd. Get Dead sluit af met “This One’s For Johnny” wat ervoor zorgt dat er toch nog een kleine moshpit wordt geopend.
En dan is het tijd voor Pennywise. Iets na 21:30 uur betreden de punkrocklegendes het podium en trappen af met “Peaceful Day“. Bij een band die al zo lang meedraait weet je niet altijd wat je moet verwachten. Hebben ze er zelf nog plezier in of is het gewoon een riedeltje dat ze keer op keer afspelen? In het geval van Pennywise is daar geen twijfel over mogelijk; ze vinden het heerlijk om op het podium te staan en doen veel moeite om interactie te hebben met het publiek. Zo vraagt frontman Jim Lindberg aan iemand uit het publiek om een camera, welke hij uiteindelijk krijgt van een fotograaf die voor het podium staat. Hij maakt een foto van het publiek terwijl hij een verhaaltje vertelt en opmerkingen maakt over de gekleurde ballonnen die inmiddels door de zaal stuiteren. Ook neemt gitarist Fletcher Dragge nog even zijn moment waarin hij vertelt dat hij wel een applaus verdient omdat hij met een flinke kater op het podium staat. De show wordt dus goed aan elkaar gepraat, maar we zijn hier natuurlijk voor muziek! En Pennywise weet dat maar al te goed, want de band speelt nur hits: “The World“, “Straight Ahead“, “Same Old Story“, ze komen allemaal voorbij.
Pennywise speelt niet alleen de eigen hits, maar neemt ook de tijd voor een ander stukje punkrockgeschiedenis. De collega’s van punkrockband NOFX kondigden onlangs aan om na 40 jaar de handdoek in de ring te gooien en Pennywise grapt dat zij dan misschien maar een NOFX-coverband moeten beginnen. Vervolgens wordt er een medley van de NOFX tracks “Bob“, “Kill All the White Man” en “The Brews” gespeeld. Daarna wordt ook Bad Religion nog in het zonnetje gezet met een cover van “Do What You Want“. Terug naar het eigen oeuvre; het is tijd voor punkanthem “Fuck Authority“. Alle vuisten gaan in de lucht, de eerste crowdsurfer is een feit en Get Dead-drummer Scott Powell komt ook nog even meeschreeuwen.
Het einde van de show nadert, terwijl Lindberg een barvrouw om vijf shotjes whiskey vraagt en er een cover van “Stand By Me” wordt ingezet. Het nummer wordt onderbroken om te proosten op de verjaardag van een crewmember, die vervolgens ook nog een slagroomtaart in zijn gezicht krijgt. Het publiek voelt dat de avond bijna voorbij is, want ze gaan nog even extra hard los in een gigantische moshpit. Pennywise verlaat hierna het podium, maar natuurlijk is een Pennywise-show niet compleet zonder hun bekendste nummer “Bro Hymn“. Wetende dat de band dit nummer altijd als afsluiter speelt, Lindberg heeft dit tussentijds zelfs beloofd aan een toeschouwer die er om bleef vragen, blijft iedereen netjes op zijn plek. Al snel komt de band terug en knalt er een toegift uit van drie tracks: “As Long as We Can“, “Pennywise” en dus “Bro Hymn“. Iedereen zingt mee, alle handen gaan in de lucht, maar hierna is het toch echt klaar.
Na al die jaren blijft Pennywise een genot om naar te kijken en is het live toch wel heel erg goed. Voor veel bezoekers was het wellicht al de zoveelste keer dat ze de band zagen, maar er zijn ook veel nieuwe punkrockherinneringen bijgekomen vanavond.
