Nothing But Thieves vat alle elementen van live concert met “Stray Dogs” 


Voor hun vijfde album “Stray Dogs”, dat uitkomt op 25 september 2026, zocht Nothing But Thieves een frisse aanpak. De meer gepolijste popsound van “Dead Club City” maakte plaats voor een ruwer geluid. Daarbij lieten ze zich inspireren door de energie die bij live concerten vrijkomt. En dat is te horen: minder elektro-invloeden, meer gitaren en een organischer gevoel. 
 
Hoe vat je de sfeer van live concert op een album? Het begint in elk geval overtuigend met het eerste nummer “Stray Dogs”, die het ook als concertopener goed zou doen. Het nummer begint met een onheilspellende klank en zang, waarbij de stem van vocalist Conor Mason vervormd is voor extra effect. Het is een sterke en sfeervolle spanningsboog voordat het refrein losbarst met een harde riff en vocals waarin echo’s van Muse te horen zijn.  
 
Als titelnummer sluit deze song het meest aan op de thematiek van het album: het belang van gemeenschap en het horen bij een groep, wat tegelijk een eerbetoon is aan de fanbase. Opvolger “Testosterone” gaat door op dezelfde noot. Dit nummer serveert een lekkere grungevibe, met massieve gitaarriffs en rauwe screams. Het nummer roept beelden op van een zwetende massa die zich voor het podium in een moshpit stort. 
 
Na je te hebben platgewalst met dit onstuimige gitaargeweld aan het begin van het album, neemt de band gas terug en komt hun meer melodieuze kant naar voren. “Evolution” is een echte stadionknaller met een upbeat, meezingbaar refrein dat de zaal geheid aan het springen krijgt. Het heeft nog steeds genoeg gitaargeweld, maar sprankelende gitaarpartijen voegen ook melodie toe. Op “Stray Dogs” is ook zeker nog steeds plaats voor poppy nummers. Een track als “#5” heeft een wat voorspelbaarder ‘publieksfavoriet’ karakter. “Baby Kool (Evelyn)” is een leuke vrolijke noot, een catchy poprocksong waarvan het repetitieve refrein zich al snel in je hoofd wurmt.  
 
Op vorige albums liet Nothing But Thieves zich geregeld maatschappijkritisch uit. Op deze plaat ligt hier minder focus op, al duikt hun rebelse kant in een aantal nummers toch weer op. “Death in the Backseat”, een van de lichtere rockliedjes op de plaat, vertelt over apathie en verlies van controle door social media. Sterker is “AI. Jesus”, een heerlijk bijtend rocknummer dat cathartisch zal werken voor iedereen die de steeds dominantere plaats van AI stilaan beu aan het worden is. Op soortgelijke wijze haalt de band in “American Confidence” uit naar het extreme kapitalisme en misplaatste ego van de Verenigde Staten. 
 
Net zoals een concert genoeg mogelijkheden moet bieden om te springen en los te gaan, moet er uiteraard ook ruimte zijn voor nummers die een gevoelige snaar raken. Muziek die het hart raakt en de zaal even stil krijgt. Ook op dit gebied geeft Nothing But Thieves thuis. De gevoelige rockballad “If You Don’t Have Someone to Love” weet te raken met een melancholische sound en tekst over eenzaamheid en het terugverlangen naar een oude liefde. Ook het langere “I Needed You Then, I Needed You Now” mikt effectief op de traanklieren. Het is een nummer dat naadloos in een aangrijpende scène in een film of tv-serie zou passen, zonder dat het naar goedkoop sentiment neigt. De tekst is reflectief en voelt oprecht. 
 
Een van de sterkste songs is de afsluiter “A Different Kind Of Happiness”, een meeslepende indierockballad. Een dromerig gitaarmotiefje en stevige gitaren wisselen elkaar af, waarbij de zang van Conor Mason echt tot zijn recht komt. Interessant is ook de tekst, over het verzoenen met een ander soort leven dan je in gedachten had. 
 
Met “Stray Dogs“ vat Nothing But Thieves de veelzijdigheid van een concert met alle energieke hoogtepunten en ingetogen momenten die daarbij horen. Hoewel rock de boventoon voert en de band hier het meest uitblinkt, heeft dit album ook genoeg te bieden aan luisteraars die minder ophebben met raggende gitaren. Dat maakt het een mooi uitgebalanceerde plaat, waarvan de band er zeker meer mag maken.

Beoordeling: 7,5/10
Releasedatum: 25 september 2026
Label: RCA Records