Ghost presteert prima op “Impera”

Het is alweer tijd voor het vijfde album van Ghost. De plaat, “Impera“, telt twaalf nummers, wisselend van korte intermezzo’s tot pittig lange tracks van vijf tot zes minuten. Laten we eens luisteren wat de band voor ons heeft gebrouwen.

Impera” wordt geopend door: “Imperium“. Het lied is volledig instrumentaal, bestaande uit een akoestische gitaar, overstemd door de elektrische. Het paradeert door de boxen als een ware introductie voor de plaat. Het maakt je best enthousiast voor hetgeen dat komen gaat! De daarop aansluitende track “Kaisarion” voelt een wat vreemde eend in de bijt. De stijl sluit totaal niet aan bij de openingstrack en klinkt een beetje als hairmetal. Het is niet slecht: maar het laat je enigszins verbaasd achter. Het gaat voor meer dan vijf minuten door, maar eigenlijk heb je het er na twee wel gezien. “Spillways” heeft ook niet heel veel diepgang. Enkel het stemgebruik varieert sterk binnen de track: de hoge uithalen en diep fluisterende tonen van Papa Emeritus IV zorgen voor wat leuke elementen.

Naarmate de plaat vordert krijgen we wat meer “duister” aanvoelende nummers. “Call Me Little Sunshine” en “Hunters Moon” hebben een wat zwaardere onderklank. Zo laat “Hunters Moon” in het refrein de lichte grunt horen die alom bekend is van de zanger. Ook het achtergrondkoor en het instrumentale intermezzo voelen machtig aan. “Dominion” opent wat onheilspellend; je weet niet helemaal waarnaar je luistert. Het is wederom een tussenstukje. Echter sluit het totaal niet aan op de track hierna: “Twenties“. Het nummer dat eerder al uitgebracht werd als single serveert heel wat pit. Het heeft een wat vreemde aura. Alhoewel het nummer ontzettend vreemd is komt alles wel goed bij elkaar. Een wisseling van extreme ruwe onderliggende stemgeluiden met hoge noten in het koor begeleiden de marcherende beat.

Een wat liever nummer volgt: “Darkness At the Heart of My Love“. Een akoestische gitaar en vingergeknip vormt een ontzettend groot contrast met wat we reeds hebben gehoord. Het doet denken aan “Cirice“: het heeft dezelfde aard. De kalme zang voelt zelfs wat zwoel en rustgevend aan. Het is zeker het unieke pareltje op het schijfje “Imperium“. Het is ook een waardige kandidaat voor een nieuwe videoclip. “Bite of Passage” opent ook met een wat kalmere riff, maar voelt juist weer duister. Het is een inleiding voor “Respite on the Spitealfields“. Deze keer sluit de inleiding wél aan. Eindelijk proeven we hier duidelijk de aanwezigheid van de bassist: we horen diepe baslijnen op de voorgrond. De gitaren, basgitaren en zang krijgen allemaal hun eigen podium in deze track. Iets wat eigenlijk wel heel fijn is. Het is namelijk vaker dat het ene onderdeel onderdoet aan het ander. Dit nummer voelt een stuk meer in balans en alle pionnen krijgen een eigen spotlichtmomentje. Het lied is tof, maar voelt ook wederom wat lang. Met name de uitbrander van een minuut waarbij de muziek langzaam zachter wordt, lijkt iets te veel van het goede.

Een prima plaat dus. Er zijn niet échte hoge uitschieters, maar ook geen erge dalen. “Impera” voelt soms wat veilig en misschien ook een tikkeltje monotoon. Ghost laat echter wel horen dat het nog steeds zijn kwaliteit heeft, alleen heeft hij dit keer iets minder geëxperimenteerd.

Beoordeling: 6,5/10
Releasedatum: 10 maart 2022
Label: Spinefarm Records

Geef als eerste een reactie

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*